TERUG naar Artikelen

El Greco. Eerste periode

g1 catharina kloosterIn Brussel was een expositie van El Greco.

Nu is El Greco (de Griek) (1541-1614) als iconenschilder begonnen in Heraklion, waar een onooglijk straatje in de oude wijk nog aan hem herinnert. Het is achter de Chándakos-straat, waar nog twee iconenateliers bestaan. Het Historisch Museum bezit het "Gezicht op het Catharina-klooster" van zijn hand, een landschap.

Wij zijn erg geïnteresseerd in El Greco vanwege zijn achtergrond als iconenschilder.

In Heraklion was hij op zijn 20e meester, op zijn 22e had Domínikos Theotokópoulos een eigen atelier. De legendarische Andreas Ritzos was in El Greco’s tijd al vijftig jaar dood, maar zijn iconen waren in de kerken en kloosters van Kreta overal te bewonderen. Hij was de leraar van allen en zijn invloed duurde tot ver ná zijn dood, ik durf te beweren dat zijn techniek zelfs tot in onze dagen doorleeft. Een andere grootheid onder de schilders was Theófanes Bathás Strelitzas, Theófanes de Kretenzer, die naar een Meteora-klooster in Thessalië was ontboden om de kerk te beschilderen. g1 iconos grecosEen groot talent was verder tijdgenoot Michael Damaskinós (1535-1591), een alleskunner, die prachtige Byzantijnse iconen maakte, hoewel een beetje oppervlakkig en een beetje gelikt. Damaskinós, 6 jaar ouder, moet in Heraklion de leidende schilder zijn geweest. Zijn moderniteit is onmiskenbaar – alles wordt mooier, makkelijker, handiger en ronder bij hem. Alsof een reclametekenaar zich op het iconenschilderen heeft geworpen. Hij heeft tien jaar in Venetië gewoond waar hij van de orthodoxe feestdagiconen Renaissance-taferelen maakte, die noch Byzantijns noch westers waren, maar een beetje ertussenin.
Domínikos was de man van de flapperende gewaden, wonderschone krulharige engelen en spannende en gedurfde kleuren.
(1566)

g1 opbarenDat moderne werd een beetje geïmporteerd door de Venetianen die Kreta bestuurden. Schilderijen van het Quattrocento, etsen van Raimondi circuleerden en Domínikos had het ook in zijn vingers. Zijn iconen zijn eigenlijk Renaissancistisch en bij hem vergeleken is Damaskinós in zijn iconen zelfs een Byzantijn van de oude stempel.

Waarschijnlijk veel geprezen door de Venetianen ging hij in 1566 ook naar Venetië waar hij 4 jaar bleef en in de leer ging bij Titiaan naar men zegt. Dat hoeft niet waar te zijn, want 4 jaar later was hij in Rome baas van een atelier en zich heel goed van zijn eigen waarde bewust: Michelangelo vond hij geen goed schilder. Wel bewonderde hij hem als beeldhouwer, en men kan zijn studie van het beeldhouwen nog tot uitdrukking zien komen in zijn latere weergave van vleespartijen.